New Media in The Netherlands

Ondanks de hype en de grote groei zijn nieuwe media nog steeds een relatief recent verschijnsel. Het veld is volop in beweging, en verdient derhalve bijzondere aandacht. In plaats van terug te gaan naar de globale, inleidende vragen als “Wat zijn nieuwe media” en “Hoe nieuw zijn nieuwe media”, worden in deze serie een aantal specifieke onderwerpen uitgediept. Er wordt hierbij gebroken met de oer-Hollandse gewoonte om direct buitenlandse experts uit te nodigen. Het is hoog tijd om de lokale Nederlandse stand van zaken op te meten.Daarnaast is het van belang om tendensen in het werkveld onder de loep te nemen en indien nodig van kritiek te voorzien. Het doel is niet om de Nederlandse situatie te verheerlijken, maar om een kritische en realistische blik te werpen op specifieke onderwerpen. We leggen de nadruk hierbij graag op case studies, onderbelichte onderwerpen, vergeten denkers, ondergesneeuwde concepten en initiatieven, verontrustend Nederlands beleid en ongehoorde nieuwe projecten.

Archive : Eerdere lezingen in de serie

2006

9 februari 2006
Peik Suyling : Amsterdam Creativity Exchange

De Amsterdam Creativity Exchange is de eerste beursvloer ter wereld waar geen aandelen worden verhandeld, maar waar creativiteit de valuta is. De ACX is een ontmoetingsplek. Mensen uit diverse culturen en sectoren kunnen hier met elkaar in contact komen. Onder het moto ‘ideas breed ideas’ brengt de ACX creatievelingen en denkers uit Amsterdam bij elkaar en ontstaan er op dit kruispunt van cultuur, creativiteit en business nieuwe ideeën. Ideeën die tevens een impuls geven aan de ontwikkeling van de creatieve stad.

Peik Suyling is mede-oprichter van de Amsterdam Creativity Exchange. De ACX is een voortzetting van de in 2004 opgerichte Club van Amsterdam Al een aantal jaar sturen zij hun visie, thema’s en projecten de wereld in. Maar op welke wijze dragen deze ontmoetingen bij aan de sociale en economische ontwikkeling van de stad? Welke kansen biedt de creatieve industrie voor Nederland? Peik Suyling zal uitleggen wat de visie is achter de dwarsverbanden en kruisbestuivingen die tot stand komen via de ontmoetingen. Ook beschrijft hij in de lezing hoe de ACX werkt aan de bouw van de creatieve stad door creativiteit en ondernemerschap op verschillende niveaus met elkaar te verbinden.

Peik Suyling (1954) is kunstenaar, designer en docent. Hij is vanaf 1994 lid van het Cumulus Network, een internationaal design- en educatienetwerk. Peik richtte in 1995 Designstudio Peik Suyling op. Hij ontwikkelde vanaf 1998 Crossroads (multiculturele design projecten) in samenwerking met het Nederlands Design Instituut. Momenteel is hij docent Design bij de Rietveld Academie, directeur van Young Designers & Industry en mede-oprichter/voorzitter van de Amsterdam Creativity Exchange.

6 april 2006
Rolf Coppens : Grrr!

Een interactieve installatie die je dwingt om met een onbekende op vakantie te gaan, een vj-perfomance tijdens de opvoering van een opera, een serie eductatieve games, een widget die iedere dag een ander topstuk op je desktop plaatst, zomaar een greep uit de projecten die Grrr de afgelopen jaren heeft geproduceerd.

Grrr is een medialab en een ontwerpbureau met een nieuwe blik op interactieve media. Grrr zoekt naar nieuwe toepassingen van interactieve media, op het snijvlak van kunst, media en technologie. Toegepaste opdrachten voor bedrijven en culturele instellingen worden afgewisseld met autonome projecten. Grrr heeft een duidelijke visie: ‘In de toekomst willen we de lab functie verder uitbouwen en meer op eigen initiatief onderzoek en ontwikkeling gaan doen op het gebied van nieuwe media.’

Rolf bespreekt tijdens de lezing het proces van ontwerp tot eindproduct. Bij ieder project gaan ze uit van de inhoud, het verhaal dat ze willen vertellen. Daarbij zijn vormgeving en techniek altijd ondergeschikt aan het concept. Grrr maakt dus niet iets omdat het technisch kan, of om onderdeel van een hype te zijn. Grrr gaat uit van de kracht van interactieve media, maar gebruikt ook andere media zoals drukwerk, video en animatie. ‘Aangezien we zelf lui en dom zijn verwachten we dat ook van de rest van de wereld, waardoor we alles van tevoren goed testen.’

Rolf Coppens is een interactie ontwerper: hij combineert technologie met het maken van een beeld. Tijdens zijn Masters aan de HKU deed hij research naar mogelijkheden om de gebruiker in het ontwerp te betrekken, en om ze zelfs de ontwerper te laten vervangen. Rolf werkte onder andere voor Waag Society en als freelancer. Daarna is hij begonnen met Grrr. Ook is Rolf ontwerper op het Sandberg Instituut, waar hij bezig is met projecten die de rol van het beeld in de maatschappij onderzoeken.

20 april 2006
Martijn de Waal: De Nieuwe Reporter
De Nieuwe Reporter is een groepsweblog over nieuwe media, technologie, journalistiek en de publieke sfeer. Dit nieuwe onafhankelijke platform legt de nadruk op onderzoek en discussie op het gebied van verschillende media. In zijn lezing stelt Martijn de Waal vragen centraal over de invloed van nieuwe media op het medialandschap. Terwijl de traditionele kwaliteitskranten lezers verliezen en televisieomroepen in een uitdijend televisielandschap met elkaar strijden om de kijkcijfers, ontstaan op internet allerlei nieuwe mediavormen. Welke rol spelen weblogs,podcasts, fotosites als flickr of google maps in het medialandschap van de toekomst? En wie bepaalt hoe dat medialandschap eruit gaat zien: mediaconglomeraten, journalisten of mediagebruikers?

Martijn de Waal is oprichter van De Nieuwe Reporter. Verder is hij als onderzoeker verbonden aan de Rijksuniversiteit Groningen en de Universiteit van Amsterdam. Als journalist werkte hij onder meer voor de Volkskrant, VPRO Radio, Nieuwe Revu, HP/De Tijd en Intermediair.

27 april 2006
Bas van Berkestijn: Woedend!

Bas van Berkestijn, is oprichter van Woedend!, een online reclamebureau. In 2000 is Woedend! gestart (twee man, één pc en een kat, tweehoog achter). Het begin was weinig spraakmakend. De klanten vielen niet bepaald als rijpe appels uit de lucht. Anno 2006 is Woedend! uitgegroeid tot een online reclameburo dat werkt voor o.a. ABN AMRO, ASICS, AJAX op webgebied. Maar het is ook actief als productie-maatschappij/visual effects studio voor de AVRO, NPS en Endemol. Juist de combinatie tussen 'live footage' en 3-D is waar Woedend! zich graag kwaad over maakt. Bas van Berkestijn vertelt tijdens de lezing het verhaal achter Woedend! en zal ee selectie van hun meest spraakmakende projecten tonen.

18 mei 2006
Auke Touwslager: Anderemedia

Auke Touwslager is medeoprichter van ontwerpstudio Anderemedia, www.anderemedia.nl, een bedrijf dat zich toelegt op innovatieve webtoepassingen. De activiteiten van Anderemedia bestaan uit conceptvorming en het ontwerpen van informatie tools & visualisaties. Hun ontwerpen onderscheiden zich door helderheid en gebruiksvriendelijkheid.

Daarnaast is Auke verbonden aan Govcom.org, een non-profit organisatie die zich bezighoudt met het in kaart brengen van sociale debatten op internet. In 2004 richtte hij Informationlab op, een onafhankelijk initiatief voor interdisciplinaire samenwerking, onderzoek, kennisuitwisseling en conceptvorming.

In zijn lezing zal Auke ingaan op kracht van eigen informatiegereedschap (van mapping tot filtering), de nieuwe grenzen van onze informatiesamenleving en het belang van creatieve dynamiek door interdisciplinaire samenwerkingen.

1 juni 2006
Gijs van Beek en Khalid Mahdaoui: Marokko Media

Khalid Mahdaoui richtte in 2004 samen met Redouan Salmoun Marokko Media op, een marketing en communicatie bedrijf dat gespecialiseerd is in digitaal infotainment. Marokko Media is ook uitgever van een aantal populaire community website's, waaronder chat.marokko.nl, dating.marokko.nl, forums.marokko.nl. Het doel van Marokko Media is om Marokkaanse jongeren te amuseren, informeren, en tot denken aan te zetten over de sociale verhoudingen binnen onze multiculturele samenleving. Khalid Mahdaoui vertelt het verhaal achter Marokko Media, vanaf het ontstaan tot nu. De community, Marokko.nl telt inmiddels meer dan 100.000 leden en is uitgegroeid tot de grootste Marokkaanse community van Nederland èn België.

Khalid Mahdaoui (1979) is medeoprichter van Yasmina.nl, een lifestyle magazine voor de zelfbewuste Marokkaanse vrouw. Vanaf 2001 is hij bestuurslid van Stichting Maroc.nl. Sinds de oprichting van Marokko Media houdt Khalid Mahdaoui zich bezig met de vraag hoe sales en commerciële activiteiten gekoppeld kunnen koppelen worden aan de community. Daarnaast is Khalid Mahdaoui als conceptueel ontwikkelaar betrokken bij alle nieuwe thema sites (Nieuws/ Club/ Dating/ Vernieuwde Jasmina/ Cuisine) van Marokko.nl.

Gijs van Beek (1971) heeft als stafmedewerker bij Stg. DISCK in Rotterdam allerlei projecten ontwikkeld op het gebied van werving en begeleiding van allochtonen binnen reïntegratie- en inburgertrajecten. Sinds 2002 houdt hij zich tevens bezig met het onderzoeken en creëren van voorlichtingscampagnes en het conceptueel uitwerken van informatie- en bewustwordingssites voor met name allochtonen jongeren. Als projectleider heeft hij, in intensieve samenwerking met jongeren en Marokko Media, rechtinbeeld.nl gemaakt. Een site rond voorlichting over de vrouwenrechten in Nederland.

15 juni 2006
Guus Verhees: POSTV

Steeds vaker duiken beeldschermen op in de openbare ruimte die via internet informatie en reclames vertonen. POSTV (Point of Sale Television) is een bedrijf dat gespecialiseerd is in deze vorm van narrowcasting. Het bedrijf verzorgt het management, productie en exploitatie van beeldschermen waarop reclameboodschappen te zien zijn. In Nederland is de markt voor de beeldschermen op locatie commercieel geïnspireerd. Een belangrijke reden hiervoor is dat het binnen de huiskamer steeds lastiger is geworden om mensen met commerciële informatie te benaderen. Door op de winkelvloer, in een taxi of vliegtuig via beeldschermen relevante informatie te verspreiden, brengt POSTV de reclameboodschappen naar de doelgroep toe. Guus Verhees, directeur van POSTV zal een lezing geven over zijn bedrijf en de laatste ontwikkelingen rondom narrowcasting bespreken.

Guus Verhees (1970) heeft Bedrijfseconomie gestudeerd aan de Erasmus Universiteit Rotterdam. Van 1996 tot 2000 werkte hij als manager business development bij de ING Group. In 2000 richtte hij met 2 partners het crossmedia platform Wannahaves op. Wannahaves startte in 2005 als eerste in Nederland met narrowcasting in de winkelvestigingen van Media Markt in Nederland. Als gevolg van dit succes hebben zij in 2005 POSTV opgericht waar alle nieuwe narrowcasting activiteiten in zijn ondergebracht.

2005

28 februari 2005
Jeroen Fabius, Dance Unlimited: over het gebruik van nieuwe media bij dans

Jeroen Fabius geeft een lezing over de invloed van digitale media op dans. De indruk bestaat dat er bij dansvoorstellingen nog maar mondjesmaat met digitale technieken wordt gewerkt. De nieuwe media technieken hebben echter in de laatste decennia een enorme ontwikkeling doorgemaakt. Digitale media spelen een belangrijke rol in het artistieke proces en de vormgeving. Bleef de apparatuur vroeger zoveel mogelijk uit zicht, tegenwoordig zijn de digitale technieken nadrukkelijk zichtbaar op het toneel aanwezig. Door het gebruik van nieuwe media in een dansvoorstelling ontstaan tal van nieuwe mogelijkheden en experimenten.

Jeroen Fabius is dansonderzoeker en tevens coördinator van de tweede fase opleiding choreografie en nieuwe media Dance Unlimited van de Theaterschool Amsterdam. Ook doceert hij dansgeschiedenis en antropologie bij SNDO.

21 maart 2005
Theo Ploeg: Schrijven kan iedereen: popmuziekjournalistiek op het web

Begin dit jaar werd in weblogs en webzines gesproken over het nieuwe muziekgenre ‘vet geluid’. Voor het eerst in de geschiedenis van de pop journalistiek werd een term, verzonnen op internet, vervolgens overgenomen door de traditionele pers. De Nieuwe Revu bijvoorbeeld, wijdde een artikel aan het genre 'vet geluid'. In landen als Engeland, Duitsland en de VS is internetjournalistiek al jaren een serieus onderdeel van de muziekwereld. Een goede recensie op de Amerikaanse website Pitchfork betekent er nogal wat. De schrijvers zijn dan ook professionele popjournalisten. Wat dat betreft staat de popjournalistiek op het web in Nederland nog in de kinderschoenen. Onlangs nog lieten een aantal organisatoren van grote dancefeesten weten niet meer iedereen die voor een website schrijft, als pers (gratis) toegang te verlenen. Het aantal webmagazines dat bericht over dance is namelijk nauwelijks meer te overzien. Dat geldt niet alleen voor dancemuziek. Die plotselinge explosieve groei is ten dele te danken aan het instorten van de markt voor traditionele popmuziekmedia. In een periode van nog geen vijf jaar verdwenen er meer dan zeventig procent van de titels. In deze lezing wordt het groeiende netwerk van weblogs en webmagazines over popmuziek en de relatie met de traditionele popmuziekmedia nader bekeken.

Theo Ploeg (1969) is hoofdredacteur van het cultuurmagazine cut.up.media en freelance popjournalist voor het Haarlems Dagblad en de GPD. Daarvoor was hij hoofdredacteur van het online muziekmagazine KindaMuzik, redacteur van muziektijdschrift Opscene en schreef hij voor onder andere Ravage, Bassic Groove en Gonzo Circus. Tevens werkte hij als adviseur en projectleider nieuwe media voor onder andere de Gemeente Amsterdam.

11 april 2005
Monique van Dusseldorp: De toekomst van Nederlandse televisie

De Nederlandse televisie staat op het punt drastisch te veranderen. Televisie kan sinds kort niet alleen via de kabel, maar ook via internet aangeboden worden.
Deze nieuwe technologie biedt de mogelijkheid om veel meer kanalen aan te bieden waardoor er een explosie van nieuwe zenders zal ontstaan. De veranderingen zijn al gedeeltelijk zichtbaar. Kabelbedrijven doen er alles aan om hun klanten over te halen ook digitaal te gaan. Het digitale televisiepakket wordt inmiddels al gratis aangeboden. Tv zenders zijn druk bezig om nieuwe zenders te lanceren. De publieke omroep komdigt al aan dat er 5, of misschien wel 8 of 9 nieuwe zenders gaan komen. Een aantal van deze zenders is inmiddels al voor digitale abonnees op televisie te ontvangen. De VRPO is gestart met twee alternatieve muziekkanalen, de NOS heeft een nieuwskanaal opgezet en de Teleac wil een cursuskanaal. Ook bij de commerciële televisie zit men niet stil. Verschillende nieuwe kanalen worden aangekondigd. Zo komt SBS met het themakanaal Klussen & Wonen en een I Love zender met successeries van de jaren ’70 en ’80. RTL is samen met Endemol in de weer met een RTL-Go zender. De keuze voor de zenders die de publieke omroep en commerciële zenders aan gaan bieden, weerspiegelt het besluit dat door staatssecretaris Van der Laan (Media, D66) in het paasakkoord is vastgelegd. Volgens haar vormen amusementsprogramma geen doel op zich in het nieuwe omroepbestel. In de toekomst gaat de publieke omroep zich richten op drie functies, nieuws en sport, opinievorming en maatschappelijke debat en als derde functie educatie, kunst en cultuur. Amusementsprogramma’s vallen niet binnen één van deze functies. De staatssecretaris laat verstrooiing in de toekomst dan ook over aan de commerciële zenders.

De enorme toename aan nieuwe zenders wordt niet alleen veroorzaakt door de uitbreidende activiteiten van de bestaande tv zenders. Ook andere media aanbieders, zoals de Telegraaf, de Volkskrant en Sanoma zijn van plan om kanalen toe te voegen aan het huidige aanbod. Zelfs buiten de mediawereld is de interesse groot. Talrijke bedrijven en instanties, zoals de ANWB, MKB Nederland en Kennisnet, zien nieuwe mogelijkheden en denken aan een eigen zender.De opmars van nieuwe zenders is een feit. Duizend televisie kanalen, ze komen eraan of we kijken of niet.

Monique van Dusseldorp is een media analist met een specialisatie in Europese digitale ontwikkelingen. Van 1998 tot 2003 organiseerde zij via haar bedrijf Van Dusseldorp & Partners een groot aantal internationale seminars en voerde ze onderzoek uit. Ze is de (co) auteur van diverse rapporten over digitale media waaronder ‘The Future of the Printed Press’ (European Journalism Centre) en ‘SMS TV – Interactive TV reinvented’ (Van Dusseldorp). Sinds 2003 werkt zij als adviseur en publicist. Van Dusseldorp is bestuurslid van publieke omroep NPS, Commissaris van het Kenniswijk project, en voorzitter van het Nederlandse Gridforum.

25 april 2005
Michel Waisvisz: Geen laptop, maar sensoren: elektronische muziek met nieuwe instrumenten

Michel Waisvisz is vernieuwer van elektronische muziek. Ook is hij directeur van Steim. Steim is de Stichting voor Elektro-Instrumentale Muziek in Amsterdam. Waisvisz heeft allerlei nieuwe muziekinstrumenten ontwikkeld, waarmee musici live op het podium elektronische muziek kunnen maken. Aan de hand van zijn eigen ontwerpen en andere Nederlandse voorbeelden zal hij tijdens de lezing schetsen hoe elektronische muziek met fysieke gebaar- interpreterende instrumenten kan worden gespeeld in plaats van achter een laptop.

Niemand kijkt inmiddels meer raar op bij het zien van een computer op het podium tijdens een elektronisch concert. Sinds een jaar of 15 is de inzet van computers om klanken te produceren niet meer weg te denken van de concertpodia. De meest spannende geluiden worden geproduceerd maar het optreden ziet er niet zelden wat statisch uit. Hoewel het om een live performance gaat is er niet veel te zien voor de toeschouwer. De in zichzelf gekeerde performer zit alleen op het podium met zijn blik strak gericht op zijn laptop. Als bezoeker heb je geen idee wat de performer precies aan het doen is. Er gebeurt zo weinig dat je gedwongen wordt om naar de laptop te kijken. Soms vraag je je af of de performer niet gewoon een computerspelletje aan het spelen is, of stiekem zijn email checkt.

Michel Waisvisz is sinds lange tijd geïnteresseerd in het tot stand brengen van directe koppeling tussen het lichaam van bespeler en de muziektechnologie. Niet alleen om de handelingen voor het publiek meer zichtbaar te maken. Maar vooral juist omdat het lichaam tijdens een concert in de interactie met het publiek heel specifieke muzikale informatie overbrengt die niet door computers kan worden nagebootst. Oorspronkelijk ontwierp Waisvisz analoge synthesizers die werden bespeeld door letterlijk met de vingers de elektronica aan te raken en te beïnvloeden. Later ontwierp hij verschillende fysieke muziek interfaces, zoals bijvoorbeeld The Web, waarbij draden van een web functioneren als sensoren. Door bewegingen van vingers in dat web kunnen op intuïtieve wijze klanken worden opgewekt en gemanipuleerd.

Een ander voorbeeld is het door Waisvisz ontworpen instrument De Handen. Een fascinerend instrument dat bestaat uit twee hightech opgetuigde handvatten waar je je handen omheen moet klemmen en dat reageert op lichamelijke beweging. Op het instrument zitten bovendien allerlei sensoren en toetsen waarmee de bewegingen op allerlei wijzen in geluid kunnen worden omgezet. De Handen besturen in feite een gewone laptop waar speciaal ontwikkelde live sampling software op is geïnstalleerd. De computer kan via een microfoon geluiden opnemen en die via De Handen besturen, maar nu volledig 'gekneed' tot alle denkbare variaties van de oorspronkelijke klank. Op deze wijze is het mogelijk om met je vingers ter plekke op het podium een heel uniek muziekstuk te componeren gebaseerd op bijvoorbeeld het klappen of toepen van het publiek. Een instrument als De Handen toont het zichtbare van muziek. Het publiek dat naar de performance komt raakt veel meer betrokken bij de fysieke muzikale inspanning van de elektronische muziekmaker. Het wordt verrast door wat het ziet en door de opwindende geluiden die het hoort. Michel Waisvisz heeft door het ontwikkelen deze unieke instrumenten waarmee musici live op het podium elektronische muziek kunnen maken een wereldwijde reputatie opgebouwd.

Michel Waisvisz is sinds de oprichting in de jaren tachtig werkzaam als directeur bij Steim. Waisvisz is een van Nederlands meest vooraanstaande muzikanten, die zich in elektronische muziek manifesteert. Waisvisz trad op met vele musici waaronder: Laurie Anderson, DJ Spooky, Moniek Toebosch, Steve Lacy, Truus de Groot en Maarten Altena. Onlangs bracht het Duitse label Sonig Waisvisz's cd 'In Tune' uit.

23 mei 2005
Evert Hoogendoorn: Serious games

Serious games zijn spellen die als primair doel een andere functie hebben dan entertainment. Zo worden strategiespellen bijvoorbeeld ingezet als educatief middel op scholen. Daarnaast worden serious games veelvuldig toegepast als marketingtool. Op deze terreinen wint dit type game steeds meer aan populariteit. Spellen zorgen immers voor meer inlevingsvermogen en emotionele betrokkenheid dan advertenties op radio of televisie. Serious games zijn een krachtig middel, maar vormen niet altijd de beste oplossing op alle gebieden. In de lezing zal Evert Hoogendoorn de mogelijkheden van serious games bespreken en kritische kanttekeningen plaatsen bij de hoge verwachtingen rondom dit type games. Ook legt hij uit welke kansen er voor Nederland zijn als speler in deze markt.

Nederland loopt behoorlijk achter vergeleken met de ontwikkelingen die in Amerika op dit gebied gaande zijn. Het aantal Nederlandse game developers is op twee handen te tellen. Slechts een aantal daarvan houdt zich bezig met het ontwerpen van serious games en dan voornamelijk op het gebied van marketing en educatie. Het zijn voornamelijk kleine, creatieve bedrijven die dit type games produceren. Toch dringen langzaamaan de buitenlandse ontwikkelingen door tot de Nederlandse situatie. Inmiddels is defensie bezig met het ontwikkelen van een leger game en beginnen onderzoeksinstituten zoals TNO ook geld vrij te maken voor onderzoek.

Ondanks de huidige achterstand ziet Hoogendoorn kansen voor Nederland op de markt van de serious games. In tegenstelling tot de spelconsole markt, die de entertainment industrie domineert, hoeft de winst niet uit de verkoopcijfers te komen. Het ontwikkelen van serious games vraagt om meer kennis dan alleen op het gebied van gamedesign. Dit biedt ruimte voor innovatie vanuit de Nederlandse situatie. De serious game markt is een veld dat nog volop in beweging is en waarbij diverse toepassingsmogelijkheden zijn. Grote bedrijven, overheden en militaire instellingen en opleidingsinstituten zullen steeds vaker computergames inzetten voor simulaties, opleidingen en bedrijfsgerichte trainingen. De kansen zijn er, maar er is nog een lange weg te gaan.

Evert Hoogendoorn is hoofd van de opleiding Design Virtual Theatre Games (DVTG) van de faculteit Theater aan de Hogeschool voor de Kunsten in Utrecht. Hij doceert vakken op het gebied van game design en het schrijven voor digitale media. Ook is Hoogendoorn medeoprichter van het Utrechts Platform voor Game Educatie en Research en ontwikkelaar van DramaChat, een educatieve software tool waarmee meerdere mensen tegelijkertijd aan dramateksten kunnen werken

30 mei 2005
Jeroen Boschma: Kritisch en mediawise: nieuwe mediatools voor de huidige generatie jongeren

Jeroen Boschma is creatief directeur van Keesie. Keesie is een bureau gespecialiseerd in advies, communicatie en reclame, dat zich richt op jongeren in de leeftijd van 0-24 jaar. Jongeren gebruiken media anders dan ouderen. Dit klinkt logisch, maar toch wordt bij het ontwikkelen van communicatiestrategieën voor deze doelgroep vaak gedacht vanuit de industrie, en niet vanuit de jongeren zelf. Aan de hand van door Boschma ontwikkelde concepten zal hij tijdens de lezing schetsen op welke wijze de communicatie en mediatools kunnen aansluiten bij de eigen omgeving en belevingswereld van jongeren.

Jongeren anno 2005 worden omgeven door media. Zij maken zelf ook veelvuldig gebruik van nieuwe media als internet, mobiele telefoon en de meer traditionele media als televisie en radio. Het woord nieuw in de term ‘nieuwe media’ is een vaag en relatief begrip. Voor iemand die is opgegroeid in een omgeving waarin radio, televisie en de krant de belangrijkste vormen van media waren, is het internet betrekkelijk nieuw. Maar voor iemand van twaalf is internet net zo oud als televisie, video, film en radio.

Jongeren vormen een interessante doelgroep voor marketeers. Ze zijn de consumenten van nú en de toekomstige consumenten. Dankzij communicatiemiddelen als internet en sms zijn jongeren 'kritischer' en 'mediawise' geworden. De huidige generatie jongeren vereist een geheel andere benadering dan de generaties voor hen. Zij eist dat de marketeer zich verplaatst in diens belevingswereld. Maar hoe verplaatst deze zich in de wereld van de jongerencultuur om op die manier te voldoen aan hun behoeftes? Jeroen Boschma zal uitleg geven op welke wijze hij doorgaans de communicatie naar jongeren toespitst op de verschillende mediavormen.

Jeroen Boschma was na zijn opleiding aan de Kunstacademie in Arnhem werkzaam als beeldend kunstenaar in Los Angeles, New York, Berlijn en Parijs. Sinds 1994 werkt hij in de communicatie. Hij werkte eerste als art director en ontwikkelde zich meer en meer als kinder- en jongerenspecialist. In 1998 richtte hij samen met een compagnon Keesie op. Jeroen Boschma is mede-auteur van het boek: Voorbij Label en Lifestyle: Jongerenmarketing in volwassen perspectief. Ook publiceerde hij verschillende artikelen. In het najaar van 2005 verschijnt een nieuw boek van zijn hand over jongerencommunicatie.

6 juni 2005
Peter Olsthoorn: Digitale trends: weblogs, podcasting en social software

Peter Olsthoorn: Digitale trends: weblogs, podcasting en social software (Hyves, Flickr, Orkut) Nieuwe vormen van persoonlijke media

Weblogtechniek heeft voor internet de belofte waargemaakt dat iedereen zijn eigen uitgever kan worden en vrijelijk alles wat hem behaagt kan publiceren. Inmiddels telt Nederland meer dan 250.000 actieve weblogs volgens tellingen van Ilse Media. En Microsoft zegt zelfs dat er in Nederland alleen al via MSN Spaces 500.000 weblogs zijn aangemaakt. Maar wat betekent dit? Hoe verandert de opkomst van weblogs het medialandschap, en in het bijzonder de journalistiek? Hoe werkt grassroots journalism? Welke juridische implicaties heeft dit woud van uitingen? Wat doet de waarheid er nog toe? Deze en nog veelmeer vragen werpt Peter Olsthoorn op tijdens zijn lezing. Daarnaast zal Olsthoorn aandacht besteden aan digitale trends als podcasting, Hyves en Flickr. Was bloggen de internettrend van 2004, dan is podcasten een goede kanshebber om dé trend van 2005 te worden. Podcasten is een manier om op internet-geluidskanalen, en geluidsfragmenten, muziekbestanden of radioprogramma’s over te brengen naar je draagbare MP3 speler. Daar waar weblogs iedereen tot eigen uitgever kunnen maken, doorbreekt podcasting het radiomonopolie doordat iedereen zijn eigen zender kan maken via het internet.

Een andere trend waar Peter Olsthoorn over zal spreken zijn de social networking websites als Flickr, MSN en Hyves. Hyves is een website waar je online je vriendennetwerk kunt onderhouden en werkt via het zelfde principe als het Amerikaanse Orkut.com. De kracht zit in de combinatie van internet, mobiele telefonie en instant messaging. Peter zal vertellen over hoe deze vormen van persoonlijke media zich razendsnel ontwikkelen tot nieuwe vormen van massamedia.

Peter Olsthoorn (1960) was in 1995 één van de eerste internetjournalisten in Nederland met de rubriek Planet Multimedia, na een loopbaan in de journalistiek voor een grote verscheidenheid aan dagbladen, vak- en managementbladen, radio en tv. In 1997 pauzeerde hij voor het boek ‘Intranet & Internet’. In 2000 richtte hij Netkwesties op dat uitgroeide tot de meest gezaghebbende uitgave gericht op achtergronden van internet.

13 juni 2005
Madeleine de Cock Bunning: Nieuwe media en auteursrecht

Met de komst van internet, cd-roms en andere digitale informatieproducten is de vraag ontstaan of de bestaande auteurswet uit 1912, nog wel voldoende bescherming biedt. Het auteursrecht is ontstaan in een tijd dat het niet eenvoudig was om een schilderij, tekening of boek te kopiëren. In het tijdperk van de nieuwe media is het openbaar maken of verveelvoudigen veel makkelijker geworden en het gebeurt dan ook de hele dag. In mum van tijd heb je een kopietje gemaakt van een muziek-cd voor een vriend of een plaatje van het web gehaald om te gebruiken als illustratie tijdens een presentatie. Maar mag dit wel of ben je eigenlijk illegaal bezig wanneer je deze handelingen verricht? En hoe zit dat als je een eigen bedrijf hebt en je in opdracht van een klant een website ontwerpt? Ben jij de auteursrechtelijke eigenaar van het werk of is draag je automatisch de rechten over aan de opdrachtgever? Welke stappen kun je ondernemen wanneer je ziet dat iemand jouw foto’s heeft gebruikt die je op je weblog hebt gepubliceerd? En stel dat je ontdekt dat al je foto’s via zoekmachines te bekijken zijn zonder dat je daarvoor toestemming hebt gegeven, mogen zoekmachines als Google en Altavista jouw werk dan tonen? Deze en nog veel meer vragen zullen aanbod komen tijdens de lezing die Madeleine de Cock Buning op maandag 13 juni zal geven. Daarnaast belicht ze onderwerpen als file sharing netwerken en open source software vanuit een auteursrechtelijke invalshoek.

Muziekbestanden zijn een van de meest gedownloade bestanden van het internet. Vrijwel ieder nummer is via file sharing netwerken als KaZaa wel ergens op het internet te vinden en vaak nog eerder dan dat het album in de winkel ligt. Maar hoe zit het met de auteursrechtelijke bescherming van dit werk? Muziek is auteursrechtelijk beschermd en dit betekent dat het werk niet verspreid mag worden zonder toestemming van de maker. Volgens het Nederlands recht is het downloaden van MP3 bestanden echter legaal, maar alleen als er sprake is van een kopie voor eigen gebruik. Wat niet mag is de kopie weer aan andere uitlenen of aanbieden. Programma’s als KaZaa, of een website als MP3.com bieden zelf geen bestanden aan, ze faciliteren de verbinding tussen gebruiker en aanbieder. De gebruikers zelf vormen een peer-to-peer netwerk. Het ontbreken van een centrale server maakt het moeilijk om gerechtelijke stappen te ondernemen.

Een heel andere benadering vormen open source bestanden. Dit is software die gratis beschikbaar is en waarvan de broncode openbaar is. Iedereen mag deze mag deze software aanvullen, verbeteren of verder verspreiden. Madeleine de Cock Buning zal tijdens haar presentatie de kansen en gevaren van dit type software bespreken.

Madeleine de Cock Buning is advocaat, gespecialiseerd in media- en communicatierecht, intellectuele eigendomsrecht bij De Brauw Blackstone Westbroek in Amsterdam. Sinds 2005 is De Cock Buning hoogleraar Media en Communicatierecht aan de Universiteit van Utrecht. Ze doceert colleges in haar vakgebied aan verschillende universiteiten van Nederland, in Aruba en New York. Ze is auteur van diverse artikelen en publicaties over intellectueel eigendomsrecht, waaronder de uitgave ‘Auteursrecht en informatietechnologie, over de beperkte houdbaarheid van technologiespecifieke regelgeving’. Madeleine is bestuurslid van de Vereniging voor Auteursrecht en panelist bij de World Intellectual Property Organisation voor internationale domeinnaam registraties.

29 september 2005
Michel Scheffer: Mode en nieuwe technologieën

Draagbare technologie bestaat uit ontwerpen die een mix vormen tussen technologie en kleding. Een regenjas die licht geeft wanneer het regent. Een shirt waarin kleine sensoren zitten die je rug masseren. Een snowboardjack met een ingebouwd beeldscherm waarop de digitale beelden van het internet rechtstreeks kunnen worden weergegeven. De ontwikkeling van steeds kleinere en geavanceerde technologieën maakt het mogelijk om technologie ook in kleding toe te passen. Dit kan leiden tot verrassende toepassingen en nieuwe vormen van communicatie. Maar ook ontstaat door de koppeling van technologie en mode de ontwikkeling van hoogwaardige, slimme stoffen. Denk bijvoorbeeld aan interactieve stoffen, stoffen die van kleur veranderen, naar parfum ruiken of vlekkeloos blijven ondanks morsen. De introductie van dergelijke stoffen brengt niet alleen veranderingen teweeg in de mode industrie. Ook in andere industriële takken waar gebruik wordt gemaakt van textiel, zoals in de transportsector of de meubelindustrie, zijn talrijke toepassingen bedenkbaar.

Michiel Scheffer (1964) is Lector aan de Saxion Hogeschool in Enschede en zelfstandig consultant op het gebied van mode materialen, innovatie en internationalisering. Hij zal spreken over intelligent textiel en innovaties op dat gebied en dat nadrukkelijk met scenario's van controle versus autonomie. Scheffer zal het onderwerp benaderen vanuit een Nederlandse invalshoek.

19 oktober 2005
Krijn Schuurman: Podcasting

Was bloggen de internettrend van 2004, dan is podcasting een goede kanshebber om dé trend van 2005 te worden. Podcasting is een manier om op internet geluidskanalen, en geluidsfragmenten, muziekbestanden of radioprogramma’s over te brengen naar een draagbare MP3 speler. Daar waar weblogs iedereen tot eigen uitgever kunnen maken, biedt podcasting de mogelijkheid om zelf je eigen radiozender te maken via het internet. Belangstellenden kunnen op hun beurt de radio-uitzendingen via een iPod of mp3-speler beluisteren. In Nederland is er veel belangstelling voor Podcasting. Krijn Schuurman, zal de belangrijkste spelers van de huidige podcast markt in kaart brengen en ingaan op grote ontwikkelingen en trends. Wie profiteren er van het fenomeen podcast en zijn daarmee de winnaars?

Momenteel is podcasting vooral populair voor muziekprogramma’s. Langzaamaan wordt podcasting ook voor andere doeleinden gebruikt. Een rooms-katholieke priester uit Utrecht gebruikt het medium om zijn geloofsboodschap te verspreiden en ook in het hoger onderwijs wordt podcasting voorzichtig toegepast. Met een mp3 speler kun je hoorcolleges opnieuw beluisteren, thuis, op weg naar een tentamen of waar je maar wilt. Volgens sommigen is podcasting slechts een tijdelijke hype, anderen zien talrijke mogelijkheden. Krijn Schuurman zal zijn visie op podcasting geven en bespreekt daarnaast ook de praktische kant van podcasting: hoe luister je naar een podcast en wat is nodig om er zelf een te maken? Wat zijn de belangrijkste obstakels en wat maakt een podcast succesvol? Handige informatie voor iedereen die wilt dat naar zijn podcast geluisterd wordt.

Krijn schuurman (1971) is actief op de gebieden breedband, internet, telecommunicatie en media. Het duiden van nieuwe technologische ontwikkelingen en het aangeven van de impact hiervan voor de maatschappij behoren tot zijn specialiteiten. Krijn heeft gewerkt voor uiteenlopende opdrachtgevers, waaronder de EU, de Ministeries van V&W, OC&W en EZ, de NOS, KPN, VNU, TNO, gemeente Amsterdam en de OPTA. Ruim een jaar geleden is hij partner geworden bij InterimIC.

7 november 2005: Stef en Selene Kolman (KKEP), Telematica

Stef en Selene Kolman vormen samen het kunstenaarsduo KKEP. Sinds 2002 houden zij zich ondermeer bezig met het onderwerp telematica. Telematica is de samenvoeging van telecommunicatie en informatietechnologie. De lezing over telematica die ze zullen geven is gebaseerd op hun project ‘Caress’. In dit project zijn ze opzoek gegaan naar automobiele intimiteit in een gemediatiseerde wereld.

De auto is niet alleen een vervoermiddel, maar ook een vervoeringsmiddel. In het verkeer vallen vier keer zoveel doden als in oorlogen, en verkeersongelukken zijn daarmee slachtofferdoodsoorzaak nummer een. Dit gegeven weerhoudt mensen niet om in een auto te stappen. De auto oefent een enorme aantrekkingskracht op ons uit. De auto wordt telkens opnieuw dood verklaard, bijvoorbeeld als transportmiddel met de komst van het elektronische tijdperk. Maar in tegenstelling tot de voorspellingen, blijkt het de nieuwste technologische ontwikkelingen moeiteloos te kunnen incorporeren. Denk aan de mobiele handsfee kits en de ingebouwde navigatiesystemen. De impact van de technologische ontwikkelingen (waaronder internet, GSM/UMTS, GPS en GIS) op de auto en op de automobilist die zich mobiel ingekapseld, draadloos genetwerkt en verbonden met satellieten weet, wordt in de lezing geïntroduceerd. Aan de ene kant kun je je als automobilist anoniem voortbewegen op de snelweg, anderzijds bevind je je binnen een netwerk van technologieën en ben je overal traceerbaar. Wat betekent dit voor jou als individu om deel uit te maken van dit netwerk?

In het kader van dit onderzoek reisden Stef en Selene in de zomer van 2003 samen met een cameraman af naar Tokio, het mekka van draadloze, locatieve technologie. Overdag in Tokio interviewden ze specialisten in het onderwerp en bedrijven en overheidsinstellingen die hun bedrijfsplan bouwden op de nieuwe technologieën. ‘s Nachts reden ze gegidst door twee studenten over de ring van Tokio op zoek naar locaties en situaties. De opnamen hebben geresulteerd in een korte film, een installatie en diverse performances. Beelden uit deze film zullen tijdens de lezing getoond worden.

Stef en Selene Kolman werken sinds 1994 samen onder de naam KKEP. Gefascineerd door nieuwe technologieën initieerden ze projecten op het grensgebied van kunst, commercie en nieuwe media. In 2000 ontwikkelden ze voor de Euro 2000 het eerste Nederlandse mobiele telefoonspel ‘Want to Play’. Daarna ontwikkelden ze nog enkele mobiele content applicaties. Hun interesse verlegde zich naar koppelingen van technieken waaronder GPS en GIS.

21 november 2005
Michiel Schwarz: Nieuwe media beleid, wat is dat? Oover e-cultuur en de creatieve industrie.

‘Nieuwe-media’, zijn allang niet meer nieuw. Bovendien zijn ze niet alleen aan alle kanten verbonden met ‘oude media’, ze hebben zich genesteld in grote delen van de cultuursector, alsook de economie. Geen wonder dat beleidsmakers de afgelopen tien jaar hebben geworsteld met het idee van een ‘nieuwe media’-beleid. En laten we wel wezen, ‘nieuwe-media’-beleid, waar moet dat in hemelsnaam over gaan? Toch zijn er wat patronen te herkennen.

De afgelopen vijf jaar heeft het denken in overheid en politiek over 'nieuwe-media' een nieuwe wending gekregen. Ten eerste omdat binnen het cultuurbeleid het woord 'nieuwe media' is vervangen door 'e-cultuur'. En ten tweede omdat bij de recente aandacht voor de zogenaamde 'creatieve industrie', digitale mediaontwikkelingen een belangrijke positie krijgen. Achter deze verschuiving in (beleids)perspectief ligt een proces van digitalisering dat vooral nieuwe dwarsverbanden en crossovers tussen sectoren en domeinen tot gevolg heeft. De kern van het 'e-cultuurbeleid', zeker in de context van de 'creatieve industrie', moet dan ook op die plaatsen worden gezocht. Implicatie: 'nieuwe-media'-beleid
moet in de toekomst minder worden vormgegeven vanuit de technische mogelijkheden van ict en meer oog hebben voor de culturele en maatschappelijke dynamiek van de netwerksamenleving. Advies: laten we het vooral niet meer 'nieuwe-media'-beleid noemen!

Michiel Schwarz is onafhankelijk consultant en onderzoeker op het gebied van de technologische cultuur. Oorspronkelijk opgeleid en gepromoveerd als technieksocioloog in Engeland, was hij de afgelopen jaren onder meer adviseur van Infodrome en schreef hij op verzoek van toenmalig staatssecretaris voor Cultuur en Media, Rick van der Ploeg een beleidsessay over digitale media en cultuurbeleid. Eerder dit jaar was hij mede-programmeur van de internationale ‘Creative Capital’-conferentie van stichting Kennisland en Waag Society. Deel van zijn tijd is hij als hoofd ‘Forum’ betrokken bij de Design Academy Eindhoven. Hij is sinds 2000 lid van de Raad voor Cultuur, waar hij onder meer voorzitter is van de commissie e-cultuur.

28 november 2005
Bauke Freiburg: Fabchannel

Er bestaat wereldwijd ontzettend veel goede muziek. Veel meer dan op populaire radio en televisie stations te horen is. Een alternatief voor het huidige aanbod via radio en televisie vormt de website Fabchannel.com. Fabchannel is het internetkanaal dat concerten van de Amsterdamse Paradiso en de Melkweg via internet uitzendt. Deze site bestaat uit een verzameling van live gearchiveerde concerten, van grote sterren tot opkomende bandjes.

In 2000 was de eerste uitzending op Fabchannel.com. Sindsdien worden iedere week concerten, festivals, competities en lezingen vanuit Paradiso en de Melkweg live op het internet uitgezonden. Inmiddels staan er op de Fabchannel website meer dan 400 webcasts in het archief. Iedere muziekliefhebber kan waar ter wereld de concerten op ieder gewenst tijdstip volgen.

Bauke Freiburg zal het verhaal vertellen achter het succes van deze site. De site wordt gemaakt door een klein team van professionals, geholpen door vele enthousiastelingen. Onlangs heeft Fabchannel de award voor de beste Europese internetproductie gewonnen.

Bauke Freiburg studeerde Media en Cultuur aan de Universiteit van Amsterdam. Sinds 2002 is hij betrokken bij Fabchannel. Momenteel is hij als projectmanager verantwoordelijk voor de research en development activiteiten van Fabchannel. Hieronder valt de ontwikkeling van de website, de interactieve Fabplayer en participatie in onderzoekstrajecten zoals Multimedian.

12 december 2005
Han Hoogerbrugge

Han Hoogerbrugge is beeldend kunstenaar/web-animator. Hij studeerde schilderen aan de Rotterdamse kunstacademie in de jaren tachtig. Eenmaal afgestudeerd maakt Hoogerbrugge schilderijen, tekeningen en sculpturen. In de jaren negentig raakt Hoogerbrugge in de ban van zijn eerste computer. In die periode maakt hij een stripverhaal als zelfportret. Het lukt Hoogerbrugge vrij gemakkelijk om zijn papieren strip om te zetten naar een GIF-animatie. Potloden en kwasten worden verruild voor een muis en de ongekende mogelijkheden van het digitaal produceren worden verkend.

Op het web ontstaat zijn allereerste internetproject: de Neurotica serie, een reeks geanimeerde zelfportretten. De interactieve filmpjes, met het in een strakke zwart-witte tekenstijl getekende personage in de hoofdrol, worden wereldwijd bekeken. De site waar Han Hoogerbrugge zijn animaties op publiceert wordt inmiddels door duizenden bezoekers per dag bezocht.

De site zelf brengt geen geld op, maar het werkt wel als een portfolio waardoor Hoogerbrugge wordt benaderd door commerciële opdrachtgevers. In de afgelopen jaren heeft Han Hoogerbrugge onder andere gewerkt voor: Sony Playstation, Mitsubishi, Entertaining Company, Bitmagic, ING, VPRO, Quote Magazine, Diesel en MTV. Han Hoogerbrugge zal in deze lezing vertellen over zijn eigen werk. Zijn persoonlijke website dient hierbij als start.

19 december 2005
PIPS:lab

PIPS:lab maakt van multimedia theater zoals niemand het maakt. Het collectief bestaat uit een dj/producer, filmmaker/muzikant, een theatermaker, een fotograaf, een componist en een uitvinder/interieur-ontwerper. Het werk bevindt zich op het grensgebied tussen games, theater en film. De computer is bij PIPS:lab het medium waarmee de diverse disciplines samenkomen.

Het werk van PIPS:lab wordt gekarakerteriseerd door humor, creativiteit en eigenzinnigheid. PIPS:lab bespreekt tijdens de lezing het proces van techniek tot eindproduct aan de hand van het project Wortal Kombat II. Een interactieve, multimediale gameshow, waarbij het publiek actief betrokken wordt bij het proces van beeld maken. PIPS:lab werkt bij dit project met de door hen ontwikkelde Scoretrack-technology. Een techniek die omschreven kan worden als een film die nog niet is opgenomen, maar wel is gemonteerd. Op het podium ontstaat een theaterstuk, dat door de computer live wordt bewerkt tot een computergame. Een interactieve voorstelling die iedere avond anders is. PIPS:lab heeft met deze voorstelling de Gouden Mus op de Parade 2005 gewonnen.

2004

29 september 2004
Arie Altena: Literatuur voorbij Literatuur, Tekst Voorbij Hypertekst

Bestaat er zoiets als nieuwe media literatuur in Nederland? Zijn er eigenlijk (nog) Nederlandse literaire teksten waarin de mogelijkheden van computer en netwerktechnologie worden uitgebuit? Er werd over gedroomd en men ging in de eerste helft van de jaren negentig enthousiast met hypertekst aan de slag. Maar terwijl in de Verenigde Staten en Duitsland het (sub)genre 'nieuwe media literatuur' een eigen plek verwierf - zij het een marginale - is het in de lage landen stil geworden. Literatuur staat nog altijd gelijk aan boeken, aan teksten op papier. Einde verhaal.

Of niet? Er wordt misschien meer geschreven dan ooit, we 'tekstverwerken' dag aan dag, klikken van website naar website, verzamelen teksten, knippen, plakken, herschrijven... Zo'n omgang met tekst heeft gevolgen voor de opvattingen over kunstzinnig gebruik van taal (literatuur). Het kan ook niet anders of er wordt ook op een kunstzinnige manier gewerkt met tekst en 'nieuwe media'. Misschien moeten we anders en ergens anders kijken. Misschien moeten we de nieuwe media literatuur voorbij de literatuur en ook voorbij de hypertekst zoeken. Misschien is er 'onderhuids' al meer veranderd in de literatuuropvattingen dan een snelle blik zou doen vermoeden?

Arie Altena schrijft over nieuwe media en kunst voor onder andere Metropolis M. Hij geeft les bij Interactive Media and Environments van het Frank Mohr Instituut in Groningen. Zojuist verscheen het door hem geredigeerde boekje Unsorted, Thoughts on the Information Arts, an A to Z for Sonic Acts X (Sonic Acts/de Balie). Hij blogt onregelmatig op http://ariealt.net.

6 oktober 2004
Arjen Mulder: Interactiviteit in Nederlandse architectuur

Vanuit een (media) theoretische expertise bespreekt Arjen Mulder het werk van architect Lars Spuybroek. De invalshoek van deze lezing is gebaseerd op de interactiviteit die uit het werk van Spuybroek voorkomt.

Arjen Mulder is bioloog en essayist, medewerker van het V2-instituut voor instabiele media en redacteur van De Gids. Hij doceerde mediatheorie op onder meer de Film en Televisie Academie in Amsterdam, het Frank Mohr Instituut in Groningen en de Sint Joost Academie te Breda. Enkele recente boeken zijn: Over mediatheorie: taal, beeld, geluid, gedrag (2004), Levende systemen: reis naar het einde van het informatietijdperk (2002) en Boek voor de elektronische kunst (2000).

13 oktober
Rob van Kranenburg: E-cultuur in Nederland

V2 en Waag Society, onze meest succesvolle labs komen voort uit de hackers- en krakerscultuur van de jaren 80. Al jaren sturen zij hun visie, thema’s en projecten de wereld in. Maar heeft de Nederlandse scene nog wel genoeg armslag om dit te vertalen naar een eigen visie, eigen businessmodellen, eigen theorievorming, eigen oplossingen als het gaat om de Nederlandse creatieve industrie? De Nederlandse voorsprong op nieuwe media gebied, op de e-cultuur, lijkt gaat in razend tempo verloren te gaan. Hoe komt dat? Is het bovenal een gebrek aan wilskracht of een gebrek aan vitaliteit? Rob van
Kranenburg vertelt hoe deze alarmerende situatie zich verhoudt tot de Nederlandse samenleving, die op dit moment grote veranderingen ondergaat.

Rob van Kranenburg is werkzaam als docent bij C&MD aan de St. Joost academie in Breda. Hij is daarnaast verbonden aan de simsim onderzoeksgroep aan de Universiteit Gent, en is thans plaatsvervangend directeur van het Virtueel Platform en organisator van de tweejaarlijkse e-culture fair.

28 oktober 2004
Jorinde Seijdel: Kunst en nieuwe media in Nederland

Jorinde Seijdel beschrijft de theoretische en praktische dilemma's die zich voor kunnen doen bij museale presentaties van kunst gemaakt met technische media. Past mediakunst wel in het museum of in een museale tentoonstelling? Valt de museale blik wel te rijmen met de perceptiewijze waarop deze aanspraak maakt? Zijn er alternatieve presentatiemodellen voorhanden?

Jorinde Seijdel is kunsthistoricus en publicist. Artikelen van haar hand verschenen o.a. Mediamatic Magazine, Metropolis M, De Witte Raaf en Flash Art. Zij is hoofdredacteur van Open, cahier voor kunst en het publieke domein, en doceert theorie aan de Rietveldacademie te Amsterdam.

3 november 2004
Annet Dekker: VJ-cultuur in Nederland

In onze hedendaagse ervaringswereld is de aanspraak op de verschillende zintuigen enorm. Bezoekers in clubs, winkels en cafés worden bedolven onder beats waarbij de ervaring versterkt wordt door lichteffecten en de vertoning van video- en digitale beelden, en dat liefst synchroon aan de muziek. In de clubscene zijn de nieuwste ontwikkelingen met betrekking tot de samensmelting van geluid met licht, beeld, rook - en zelfs geur – het duidelijkst aanwezig. De VJ, Video Jockey, staat al een aantal jaren naast de DJ in clubs. De laatste paar jaar is de belangstelling voor het VJ fenomeen echter enorm toegenomen. Van de VJs wordt verwacht dat ze de grenzen en concepten van show, houding en art direction over de bestaande parameters van de pop en rock wereld heen tillen.

Om een fenomeen als VJen te beschrijven kan een aantal eeuwen teruggaan worden. Een VJ suggereerde eens dat hij de holbewoners al voor zich zag, trommelend voor een vuur in hun grot, terwijl iemand met de schaduwen op de muur speelde, “Old Skool VJen”*. Ook de Camera Obscura, Barokke schilderingen in kerken of de Toverlantaarn kunnen gezien worden als voorlopers van VJ ervaringen. Aan de hand van kunsthistorische ontwikkelingen, technologische vernieuwingen en maatschappelijke gebeurtenissen wordt gekeken naar de betekenis van VJ in onze tijd.

*Kees Duyves, Pips:Lab in: Eveline Stoel, VJ’s stelen de show (Rails 2002)

Annet Dekker (NL, 1970) werkt als curator bij het Nederlands Instituut voor Mediakunst, Montevideo in Amsterdam. Sinds 1997 is zij actief op het gebied van media: als onderzoeker, publicist en curator van media (kunst) exposities, debatten en workshops. Haar interesse gaat uit naar de invloed van (nieuwe) media en populaire cultuur op kunst en vice versa. Op dit moment is zij ook redacteur van Impakt Online. Daarnaast werkt zij aan een onderzoek over VJ Cultuur in Nederland en is zij mede initiator van Visual Sensations, een wedstrijd voor VJs in Nederland en Vlaanderen.

2 december 2004
Francisco van Jole: Nederlandse Internetcultuur

Francisco van Jole (1960) is columnist voor de Volkskrant en internet-journalist van het eerste uur. Op Radio 1 is hij eindredacteur en co-presentator van het wekelijkse TROS Radio Online. Hij verzorgde in de jaren negentig Nederlands populairste online publicatie de 'Daily Planet'. In 2001 publiceerde hij twee boeken: Valse Horizon, een verzameling essays over de maatschappelijke relevantie van internet en Blink, een roman over de verstikkende dot com - cultuur.

9 december 2004
Luna Maurer: Het ontwerpen van systemen

Luna Maurer beperkt zich als vormgever niet alleen tot het gebruik van digitale media, maar past alle media toe om tot een ontwerp te komen. Haar houding tegenover media vormt bij al haar werk hetzelfde uitgangspunt: In plaats van grafisch vormgever ziet zij zich meer als vormgever van systemen. Door met haar werk structuren te kristalliseren en systemen zichtbaar te maken (of te bedenken) wil ze informatie en communicatie verhelderen en eerlijker maken. Informatie moet op zo’n manier gestructureerd worden, dat de structuur (of het systeem) een betekenisvol beeld laat ontstaan. In haar artikel zal ze haar visie op het ontwerpen duidelijk maken en dit illustreren met een aantal afbeeldingen van haar werken.

Luna Maurer is een bekende Nederlandse vormgever en webdesigner. Na het voltooien van opleidingen aan de Rietveld Academie en Sandberg Instituut in Amsterdam is zij zelfstandig als ontwerper in Amsterdam gaan werken. Haar werk is te zien op www.poly-luna.com en www.poly-xelor.com.

16 december 2004
Josephine Bosma: No content: De anti-antikunst van Jodi

Het Nederlands-Belgische kunstenaarsduo Jodi, bestaande uit Joan Heemskerk en Dirk Paesmans, is al sinds jaren wereldberoemd op het internet, zoals dat wel met enige ironie gezegd wordt. Vanaf midden jaren negentig zijn zij wereldwijd de bekendste kunstenaars die met het internet werken. Hun werk is van grote invloed geweest op zowel webdesign als netkunst, en is vaak beschreven als subversief of zelfs als anti-kunst. Het werk van Jodi beperkt zich echter niet tot het internet, en Jodi wil helemaal geen statements maken. In deze lezing zal de manier van werken van Jodi belicht worden, waarbij ook gekeken wordt naar hoe hun werk beschreven en geanalyseerd is in de loop der jaren en hoe deze beschrijvingen en analyses zich verhouden tot het werk zelf. De nadruk ligt niet op techniek, maar op invalshoek en
intentie van de kunstenaars.

Josephine Bosma (1962) werkt sinds 1993 als journaliste op het gebied van kunst en nieuwe media. Ze publiceerde in verschillende nationale en internationale tijdschriften, catalogi en boeken over nieuwe media cultuur. Haar artikelen zijn te lezen op http://laudanum.net/bosma/